Didier Gazelle Een Indonesisch weekend
Like ons op Facebook

Een Indonesisch weekend

door Didier Gazelle

Deze week zijn we uitgenodigd in Lembang, buiten Bandung, door onze jongste dochter en haar man. Haar man is kolonel van het Indonesisch leger, gekazerneerd in Bandung. We zijn met een groep van twaalf familieleden. Mijn vrouw heeft voordat ze met mij trouwde acht kinderen gehad uit een eerste huwelijk. In totaal zijn er vijfentwintig kleinkinderen en zes achterkleinkinderen. In een volgende column zal ik een overzicht geven van deze uitgebreide familie, maar voor het ogenblik volstaat het te weten dat de groep dit weekend bestaat uit twaalf leden van de familie.

Het regent al drie weken in Jakarta en hele delen van de stad staan onder water. Het lijkt niet het beste moment te zijn om een weekend weg te gaan, maar zoals u in het onderstaande kunt lezen, zal het tegendeel blijken.

Op zaterdagmorgen om zes uur starten we op natte wegen via de tolweg Jakarta - Bandung. Deze in alle opzichten mooie autoweg bestaat amper tien jaar en Indonesiërs mogen er met recht trots op zijn. Het eerste gedeelte, 100 kilometer tot Cikampek, is vlak en bestaat al langer. Maar het tweede gedeelte, 150 kilometer van Cikampek tot Bandung, trekt door de bergen over duizelingwekkende viaducten. De weg loopt parallel met de spoorweg. Als je de reis naar Bandung per spoor doet, krijg je het beste zicht op de halsbrekende realisatie van deze autoweg (zie foto). Vanuit de autoweg krijg je een indrukwekkend zicht op de spoorlijn en viaducten.

Hoe mooi de tolweg ook is, de aanhoudende regen heeft toch voor een verzakking gezorgd in het wegdek. Op 72 kilometer van Bandung zijn enkel twee van de vier baanvakken berijdbaar. Vandaar dat er opstoppingen en vertraging zijn, en we twee uur later in Lembang aankomen, rond tien uur. Daar de kamers in het hotel nog niet klaar zijn, wordt er besloten te gaan eten.

Lembang staat bekend om haar fijne Indonesische restaurantjes; simpel, goedkoop en lekker. We nemen een Bahmi Goreng met tahu (de specialiteit van Lembang, geroosterde Tofu), overgoten met een strawberry juice (vers gemaakt van aardbeien, gekweekt op de hellingen rond Lembang). Heel onverwacht klaart de hemel op tijdens onze maaltijd en we beslissen nog vijftien kilometer verder te rijden naar de vulkaan Tankuban Perahu. We zijn dan op ongeveer 1500 meter hoogte.

De vulkaan bestaat uit twee kraters, waarvan er een afgesloten is omdat deze te gevaarlijk is om te betreden. De andere krater is wel open. De lucht is er sulferig en de bodem heel warm. Je kan op de rotsen een ei koken! Op de hoogtes rond de kraters is het redelijk koud, maar de wolken trekken op en eindelijk komt de zon erdoor.

Als we terugrijden naar Lembang is het zonnig, zijn de kamers klaar en nemen we een duik in het zwembad. Dit moet je niet te vroeg in de namiddag doen, want dan is de zon te sterk en de Indonesiërs, die van nature al wat bruiner zijn, zijn dan bang om donkerder te worden. Na het zwemmen genieten we van een welverdiend avondmaal en daarna gaat iedereen de nachtrust in.

Op zondag komt nog een familielid ons vergezellen. Een kleindochter van 23 jaar die bij ons opgevoed is. Zij komt met haar verloofde uit Jakarta, in mijn wagen. Na het ontbijt gaan we met zijn allen naar de floating market. Dit is een van de attracties van Lembang. Een heel grote vijver met zicht op hellingen met aardbeikwekerijen. De vijver is omgeven met honderden eetkraampjes. Je kan voor een paar uur een bruga huren en vandaar eten bestellen. Een bruga is een open houten hut, waarin je op de grond kan liggen rusten of kan genieten van het lekkere eten.

Met een volle maag en na een siesta in de grobak trekken we verder naar onze laatste bestemming. Een ongelofelijk hotel waar we de laatste nacht van het weekend zullen doorbrengen. Het hotel is inderdaad ongelofelijk. Het is gebouwd door een rijke eigenaar van textielfabrieken in Bandung. Het is ongelofelijk door de decoratie. Bas reliëfs op alle muren, schilderijen op de plafonds, binnen en buiten zwembaden, een verwarmde whirlpool en waterbooms. Het is, naar onze westerse smaak, allemaal redelijk kitsch maar toch merkwaardig en zeker de moeite waard om er een nacht door te brengen.

Op maandagmorgen genieten we van de zon in de buitenzwembaden. Daarna vertrekken we terug naar Jakarta en maken we een stop in een van de beste restaurants van Bandung (café Bali). Ook maken we nog een inkoopstop in een van de outlets waar Bandung bekend om is.

Om acht uur 's avonds zijn we dan terug in Jakarta, thuis. Het regent weer, maar we genieten nog van een gezellig avond met alle deelnemers aan dit verfrissend weekend.

Over Didier

Didier Gazelle (74) had altijd al de droom om te werken in het buitenland. Nadat hij in 1962 afstudeerde als Burgerlijk Ingenieur, vertrok hij naar onder andere Brazilië, Noord-Afrika en Indonesië. Eenmaal in Indonesië aangekomen is hij nooit meer weggegaan.

Zijn werkopdracht in Jakarta was eigenlijk voor twee jaar. Maar nu, 25 jaar later, woont Didier er nog steeds. Hij vond er als Buhle, de naam die ze geven aan een westerling, al snel zijn nieuwe liefde. Zijn vrouw Liska spreekt perfect Nederlands en heeft hem enorm geholpen bij het begrijpen van de Indonesische gewoonten en mentaliteit.

Nu maakt hij deel uit van een honderd procent Indonesische familie. Hij wil lezers daarom graag inspireren met verhalen over zijn Indonesische leven en hoe hij daar tegenaan kijkt als 'buitenlander'.

Like deze pagina

Specialisten Indonesië

Meer Indonesie.nl

Sponsors